De kievit en de tureluur

Bedreigde weidebewoners

De kievit hoort tot de vogels die hun eigen naam roepen. Luister maar.  In elk geval kan men begrijpen hoe de dieren in Duitsland maar ook in Nederland aan hun naam kwamen. Al in maart keren de vogels terug uit hun overwinteringsgebieden. Met imposante baltsvluchten verdedigen de mannetjes dan hun territorium. Met een beetje geluk kunnen de kijkers de duikvluchten meebeleven waarbij de dieren luid roepend in de lucht heen en weer zwenken en met hun vleugels een bonzend geluid maken. In vroeger tijden maakte men zich geen zorgen over het kievitsbestand- Bismarck nog kreeg tegen het einde van de 19e eeuw jaarlijks voor zijn verjaardag 101 van de als delicatesse bekend staande kievietseieren In Nederland is overigens tot op heden het eerste kievitsei voor de koning bestemd. De drastische terugloop van het kievitsbestand kan men echter niet aanrekenen aan de eiervoorliefde van Bismarck.
De weilanden zijn tegenwoordig droger, terwijl de grondwaterstand steeds verder daalt. Dat nu ligt er weer aan, dat de ver-gaand gekanaliseerde Rijn sneller stroomt, waardoor hij meer kiezel met zich meevoert en zich dieper en dieper in zijn bedding ingraaft. De drogere weilanden worden intensiever gebruikt in de landbouw, groter gebruik van bestrijdingsmiddelen en daardoor afname van de als voedsel dienende insecten en door de omschakeling van extensieve weidebouw op intensieve melkveehouderij uitsluitend in stallen zijn veel weilanden verdwenen Bovendien houden waadvogels van open, vochtige weilanden, waarin zowel de volwassen dieren als ook hun nestvliedende jongen rijkelijk insecten of wormen als voeding kunnen vinden. Bijzonder nadelig voor het broedbestand is het vroege maaien van de velden waaraan dan natuurlijk vele broedsels of jonge dieren ten offer vallen.
Gedurende het door de EU gesteunde Life-project ter bescherming van de grutto werden verschillende maatregelen gerealiseerd voor behoud en verbetering van de Hetter als geschikt leefgebied voor waadvogels. Daarvan profiteren ook andere weide-waadvogels, zoals de kievit of de evenzo bedreigde tureluur. Ook die heeft een vochtige bodem of vlak/ondiep water nodig om daar met zijn spitse snavel naar wormen, insectenlarven of slakken te porren. Anders dan bij de kievit, hebben hier de markant gekleurde poten gezorgd voor de naamgeving [in het Duits], anders zou hij misschien naar zijn scheldende alarmroep “Tschik Tschik”  hebben geheten. De vluchtroep van de tureluur klinkt anders. Dit heeft hem zijn Nederlandse naam “tureluur” bezorgd. Het is te hopen dat projecten zoals in de Hetter ook andere woongebieden voor de tureluur heroveren, zodat men ook in de toekomst het mooie baltsgezang van de waadvogels weer kan horen.

Terug