De zomerdijk

Klein maar fijn – de zomerdijk (NB in NL ook wel bekend als “slaper”)


Als men oplettend rondkijkt in de tegenwoordige uiterwaarden, bijvoorbeeld bij Haffen, tussen Bienen en Grietherort of bij Huthum, vallen de lage dijken op die door het landschap trekken. Het zijn zomerdijken die voor de landbouw van de Neder-Rijn een belangrijke regulerende rol spelen. Dijken beschermen tegen overstromingen. In de winter waren overstromingen echter voor de landbouw daadwerkelijk gewenst. Voordat er kunstmest was voerde de Rijn met zijn hoge water voedingsstoffen aan, die het land vruchtbaar maakten. Maar hoog water is niet meteen hoog water. Als men aan de willekeurige nukken van de rivier gedurende de oogsttijd geen halt toeriep zou de benutting van de uiterwaarden onmogelijk zijn. Al geringe stijgingen van het waterpeil kunnen zich over grote gebieden verspreiden en oogst en vee vernietigen. Tegen de bedreiging van de verbouwde akkers helpen de lage zomerdijken. Ze moesten zo hoog zijn dat het lagere zomer hoogwater er buiten bleef en zo laag dat het hogere winter hoogwater zijn belangrijke overstromingswerk kon verrichten. Sluizen laten daarbij het winter hoogwater in en weer uit. De bewoners hebben de boerderijen achter de dijk op een kunstmatige heuvel gebouwd. Als de Rijn over de zomerdijk en het erachter liggende land stroomt, blijven huis en schuren in elk geval op het droge. Het vee is dan al veilig ondergebracht en de oogst is binnengehaald. Daartoe was er voldoende tijd dankzij de zomerdijk! Tegenwoordig is doelgerichte vlakbemesting mogelijk, waardoor de boeren ook van de winteroverstroming konden afstappen. Overstromingen vinden alleen nog plaats als de hoogwaterstand hoger is dan de zomerdijk. Omdat de Rijn zich door de stroming steeds dieper ingraaft worden deze gebeurtenissen steeds zeldzamer. Dat brengt dier- en plantensoorten in moeilijkheden, die gespecialiseerd zijn op deze terugkerende overstromingen, want zij worden in de loop der tijd door andere soorten verdrongen.

Terug